Geschiedenis van kinder- en jeugdliteratuur in Nederland
8 maart 2019
Op vrijdagavond 8 maart 2019 hield Neerlandicus Frits Booy een lezing over de geschiedenis van de Nederlandse kinder- en jeugdliteratuur. Dat gebeurde in De Dres in Nibbixwoud. Voorzitter Ina Broekhuizen verwelkomde een, voor Cromme Leeck-begrippen, klein gezelschap donateurs en belangstellenden. Ze vertelde over het jaarboek 2019, over de donateursavond op vrijdag 26 april en de opening van de tentoonstelling 'Met de hand' in het Huis van Oud op zondagmiddag 28 april.
Aan de hand van fraai beeldmateriaal loodste Frits Booy vervolgens zijn toehoorders door de kinderboekengeschiedenis van de 17e eeuw tot ongeveer 1960.
Hij begon zijn verhaal met de verschijning van de eerste boeken na de uitvinding van de boekdrukkunst. Een revolutionaire uitvinding, vergelijkbaar met de komst van computer en internet. Lange tijd waren boeken uitsluitend voor volwassenen bestemd. De kinderen van vóór circa 1770 lazen op school vooral fabels, volksboeken (zoals Reinaert de vos, Tijl Uilenspiegel en De vier Heemskinderen) en stichtelijke verhalen in schoolboekjes.
Het versjesboek Proeve van kleine gedigten voor kinderen (1778) van Hieronymus van Alphen wordt als het eerste Nederlandse kinderboek beschouwd. Dit boek en de boekjes die daarna verschenen, waren lange tijd gevuld met de belevenissen van brave jongens en meisjes, steevast eindigend in een levensles. De, in onze ogen, soms hilarische afbeeldingen bleken in onze 'eigentijdse' ogen vermakelijk en af en toe zelfs belachelijk of verwerpelijk.
Een markante verandering betekende de komst van boeken met de avonturen van deugnieten, zoals Piet de Smeerpoets en Dik Trom.
Veel kinderboeken zijn door het verhaal, de versjes en/of de illustraties een waardevol en blijvend onderdeel van het leven van mensen geworden.

Een aantal donateurs had één of meer dierbare jeugdboeken meegenomen. Die lagen uitgestald op een tafel. Daar werden mooie verhalen verteld over de herkomst en de betekenis voor de eigenaar.
Kinderboeken die door de toehoorders waren meegenomen zorgden in de pauze voor veel 'eigen' verhalen en herinneringen. Rechts Frits Booy, die de lezing verzorgde.